De schoonheid van een verlaten ijsmachine | Kolmanskop

Kenners van de Kiekeboes weten het: in het Namibische stadje Kolmanskop zochten de Duitsers naar diamanten. Vanaf de moment dat ik de Kiekeboes hier voor Van de Kasseien heen zag toeren, wist ik dat ik hier ooit heen wou komen. Een stadje in het midden van de woestijn, waar ze diamanten zochten en vonden, en waar nu de woestijn terug vrij spel gekregen heeft: hoe cool is dat wel niet?

Kolmanskop. Ooit een bloeiende economie, nu een verlaten stad. Waarom we een flamingo meehadden, is weer een heel ander verhaal.

Toen ik dus met twee vrienden m’n reis naar Namibië plande, lag er al meteen een stop vast. Vanuit Lüderitz trokken we op een ochtend naar het verlaten woestijnstadje. ’s Ochtends tegen openingstijd erheen rijden is in hindsight een goed plan, want je moet wanneer je Kolmanskop bezoekt, ook een geleid bezoek betalen. De gids is zeker een meerwaarde, maar wanneer je er goed op voorhand bent, heb je eerst nog tijd om zelf op ontdekking te gaan.

Badje nemen: check 😉

Zelf vond ik het tijdens het bezoek aan Kolmanskop eerst nogal moeilijk om in te schatten hoe oud die gebouwen eigenlijk zijn. Door al het zand erin, lijkt het immers alsof ze al heel lang leegstaan. Toch zijn de gebouwen nog maar een heel dikke 100 jaar oud: in 1908 werd de eerste diamant hier gevonden tijdens de aanleg van een Duitse spoorweg. Duitsland verklaarde het gebied erna tot “Sperrgebiet” en begon er diamanten te ontginnen.

Natuurlijk hebben mensen in de diamantbusiness ook een onderkomen nodig en zo ontstond Kolmanskop. Tot op de dag van vandaag kan je de huizen bezoeken. En ook het ziekenhuis, de school, het theater en de bowlingbaan zijn nog steeds te bezoeken, want de inwoners hadden er natuurlijk ook hun sociaal leven. De gids vertelde ook al lachend dat de vrouw die de winkel uitbaatte, de meest invloedrijke persoon uit het stadje was. Zij was immers degene die bepaalde zaken kon laten importeren uit Duitsland. Als je als inwoner dus iets miste, moest je bij haar zijn.

De hele stad is zanderig en verlaten

Nu hoor ik je al denken dat je toch vooral comfort moet missen, zo midden in de Afrikaanse woestijn, in de eerste helft van de 20e eeuw. Vergis je niet: Kolmanskop was een moderne stad. Inclusief elektriciteit en een ijsfabriek. Wanneer je een beetje lijkt op mij en mijn pa en een liefhebber bent van het betere roomijs, moet ik je wel teleurstellen. De ijsfabriek was effectief een fabriek waarin water gekoeld werd tot ijs. Deze ijsblokken werden dan in stukken gekapt en met de tram afgeleverd bij de huizen om de koelkasten koud te houden. De tram was ook geen overbodige luxe voor de dames van het slechts 400 inwoners tellende stadje: met een lange jurk en fragiele schoenen door het zand wandelen was immers geen sinecure.

Na enkele vette diamantjaren, werden er verder weg grotere diamanten gevonden waardoor Kolmanskop minder interessant werd. Mensen trokken weg, en tegen 1950 was het stadje helemaal verlaten. Nu wordt het uitgebaat door de de Beer familie en kan je het dus bezoeken. Zeker een aanrader als je naar Namibië gaat! Wat zijn jullie favoriete verlaten plekken?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: